歌詞
Biebie lacht, met die blik in haar oog,
Walther weet meteen: dit wordt niet droog.
Elke stap, elk woord een spel,
Ze fluistert zachtjes: kom dan snel.
Biebie en Walther, oh wat een plan,
Twee vurige zielen, die niet stoppen kan.
Ze dansen in het donker, niemand die het ziet,
Hun liefde brandt, maar niemand die het giet.
Ooh Biebie… Walther houdt van je — en hoe!
De kamer ruikt naar zoete spanning,
Hun schaduw speelt met de verbranding.
De buren horen iets en vragen: “Wat was dat?”
Maar Biebie glimlacht — “Niks joh, te heet vannacht.”
Biebie en Walther, vol ondeugd en vuur,
Ze houden niet van regels, alleen van avontuur.
Hun lippen fluisteren wat niemand hoort,
Een liefde die tintelt, die nooit verstoord.
Ooh Biebie… Walther houdt van je — tot de ochtend gloort.
Ze weten wat mag, en wat beter niet,
Maar juist dat maakt het, dat hun hart versnelt, zo lied.
Elke nacht weer, dat stiekem spel,
Ze zeggen niks — maar je voelt het wel.
(Laatste refrein)
Biebie en Walther, gemaakt voor gevaar,
Hun liefde te heet, te wild, te klaar.
Al zitten er mensen nog op hun lip,
Ze lachen zacht — en nemen een slok, een slib.
Ooh Biebie… Walther houdt van je — en hoe!